Terug naar Delft
Ik ben moe en heb geen zin om het lang te maken. Het was weer een lange dag vandaag en je kunt gerust stellen dat ik versleten ben. Keelpijn heb ik ook. Van al het praten, denk ik.
Vanochtend was ik bij klanten in Vlaardingen. We hebben gesproken over een relatief eenvoudig technisch project. Maar de mensen in Vlaardingen waren heel enthousiast en stellen veel vertrouwen in mijn deskundigheid. Kijk, en dat is dus leuk!
Vanmiddag heb ik alleen gekletst. Een aantal belangrijke dingen besproken met mijn chef / collega (niemand weet precies wat zijn status in het bedrijf is). Wel boeiend. Heb er een goed gevoel aan over gehouden.
En vanavond was ik dan met Merel naar Delft om gezellig samen wat te eten en wat bij te kletsen. We zien elkaar nog maar zo weinig. Dat is het nadeel van ouder worden: je hebt minder tijd voor leuke dingen. Bovendien woont Merel best een eindje uit de buurt en studeer ik niet meer (we zijn studievrienden). Maar het was dus heel gezellig en we hebben dermate gelachen en gedaan dat mijn keel er rauw van voelt.
Morgen een rapportje schrijven over Vlaardingen en dan ‘s avonds naar Star Wars III. Het zal mij benieuwen…
Zomaar woensdag
Vanochtend was het zomaar woensdag. Het was gebeurd voor ik er erg in had. Ik keek vanochtend naar buiten, deed mijn ogen open en keek opnieuw, en zag dat het best een mooie dag zou worden. Een perfecte dag dus voor… kantoor. Ik klaag er verder niet over. Het was best een goede kantoordag. Weinig concreets gedaan, maar met praten wel weer veer bereikt.
Morgen moet ik naar Vlaardingen. Praten met ambtenaren. Kan niet zeggen dat ik er zin in heb. Ook omdat ik me niet echt voor heb kunnen bereiden. We zullen moeten improviseren.
Vanavond had ik de laatste salsales voorlopig. Ik heb me het grootste deel van de avond ongemakkelijk gevoeld. Komt waarschijnlijk omdat ik me stom en onhandig voel. Krijg niet het gevoel dat ik het goed doe. En daar kan ik dan niet tegen. Tegen iets niet kunnen. Dan voel ik me opgelaten. En toen die knappe latino-vrouw me dan nog ten dans vroeg om me vervolgens fijntjes te zeggen dat ik niet zo moest heupwiegen ("dat is voor vrouwen") had ik het echt gehad. Bah. Blij dat het de laatste keer was. Naargeestig zaaltje.
Met mij gaat het verder wel goed vandaag. De hele affaire met Merlijn is zo goed als vergeten. Ik heb onderhand al zo vaak moeten uitleggen dat ik een leuke date had dit weekend (ik had aan iedereen verteld dat ik een date had…), dat ik nu wel zo’n beetje een helder verhaal voor mezelf heb. "Het was heel gezellig en het klikte, maar ze heeft al een ander."
Toch weer goed!
Toegegeven, ik zag het even niet meer zitten. Maar met gepaste trots kan ik dan nu toch mededelen dat het weer allemaal in orde is! De scheur in mijn broek is door mij op uiterst vakkundige wijze gerepareerd. Voor het blote oog is de winkelhaak niet meer te zien en zelfs de knoop is weer 100% bruikbaar. Schouderklopje voor mezelf…
Het fabeltje is uit
Het was vandaag dinsdag. Sterker, het is nog steeds een beetje dinsdag. Om een of andere reden is het net alsof ik vandaag na een lange vakantie voor het eerst weer naar mijn werk geweest ben. Alles ziet er zo anders uit. Alsof ik het een lange tijd niet zo gezien heb. Ze hebben m’n buitengevel geschilderd. Dat zal ook wel uitmaken. Moet ik trouwens nog over gaan zeuren, want ze hebben het echt belabberd geschilderd. Hoe kun je nou een deur schilderen zonder hem open te doen! Toen ik naar binnen wilde, zat mijn deur half dichtgeplakt van de verf!
Met Merlijn is het niet meer zo leuk als het was. De spanning is weg. We gaan volgende week nog wel wat leuks doen, maar het is nu met een hele andere insteek. Niet dat ik er geen zin in heb. Integendeel. Lang… leve… de… gezellig-…heid. Joepie!
Gisteren heb ik Merlijn een fabel gemaild. Het was laat en ik was moe. Ik wilde uitleggen hoe ik me ongeveer voelde en waarom. Het ging ongeveer zo:
De jonge leeuw en de kleine rode bloemLang geleden, in een woud ver van hier, leefde eens een leeuwengezin. De familie bestond uit een trotse vaderleeuw, een ijverige moederleeuw en een zachtaardige welp. Vaderleeuw was geen groot strijder. Maar hij zorgde goed voor zijn gezin. Moederleeuw hield veel van hem. Op een dag, toen vaderleeuw op jacht was voor zijn kroost, werd hij door een gemene hyena in zijn poot gebeten. De hyena had zo hard gebeten, dat de poot brak. De poot genas niet goed en vaderleeuw moest de jacht opgeven. Moederleeuw nam de jacht dapper van hem over en probeerde vader zo goed als het ging te troosten. Een tijdje ging dat goed. Maar na verloop van tijd begon de trots van vaderleeuw op te spelen en hervatte hij de jacht. Maar al tijdens de eerste jacht liet zijn poot het afweten. Vaderleeuw viel en brak zijn nek.
Moederleeuw was ontroostbaar. Ze moest nu weer elke dag uit jagen. Dapper als ze was, ving ze elke dag genoeg om haar kroost te verzorgen. Maar ze miste vaderleeuw. Heel erg. De welp probeerde met gekke kunstjes zijn moeder op te vrolijken. Hij merkte dat als hij maar hard genoeg zijn best deed, moederleeuw soms even haar zorgen kon vergeten. Jaren gingen zo voorbij en de welp werd een jonge leeuw. Op een dag ontmoette moederleeuw tijdens de jacht een aardige grijze leeuw. De grijze leeuw hield veel van moederleeuw en zorgde goed voor haar.
De welp, die nu groot geworden was, hoefde niet langer voor zijn moeder te zorgen en verliet het nest. Vol goede moed wandelde hij de wijde wereld in. Hij jaagde zoals hij zijn moeder dat had zien doen en had iedere dag goed te eten. Hij bezocht zijn moeder vaak en was blij te zien dat ze gelukkig was met grijze leeuw. Na een van die bezoekjes kwam de jonge leeuw een mooie leeuwin tegen. Niet zeker hoe hij haar aandacht moest vragen, probeerde de jonge leeuw de kunstjes die hij gebruikte om zijn moeder op te monteren. De mooie leeuwin moest om de fratsen van de jonge leeuw lachen. De lach van de leeuwin gaf de jonge leeuw moed en hij probeerde meer kunstjes.
Alles was goed en leuk. Totdat de jonge leeuw op een dag naar zijn moeder ging en bij een kreek de mooie leeuwin zag. Ze stond daar samen met een stoere leeuw wat water te drinken. De jonge leeuw kwam voorzichtig wat dichterbij en keek vanuit het struikgewas naar het stel. Het duurde niet lang of het werd de jonge leeuw duidelijk wat er gaande was.
De jonge leeuw voelde zich klein en dom en trok zich terug in een stil en afgelegen deel van het woud. Hij zat daar dagen en nachtenlang zonder te eten. De jonge leeuw voelde zich verslagen. Hij verwenste de hyena die hem zijn vader had afgenomen en stelde zich voor hoe zijn vader hem had kunnen leren ook een stoere leeuw te zijn. Het maakte de jonge leeuw droevig. Tranen rolden over zijn wangen.
Zonder het te weten viel een van die tranen in de kelk van een kleine rode bloem. De bloem proefde het verdriet en opende haar kelk. De bloem was erg wijs en vertelde de jonge leeuw een bijzonder geheim. Het geheim trooste de jonge leeuw en hij rechte zijn rug, krulde zijn snorharen en proefde de lucht. Fier liep hij het woud in. De jonge leeuw was niet langer verdrietig en voelde zichzelf niet langer klein en dom.
En toen hij stierf, aan het eind van een mooi leven, stierf hij tevreden. Want hij had door het geheim van de kleine rode bloem met zijn kunstjes vele verdrietige dieren blij kunnen maken.
Ze vond het erg mooi. Mooi dan. Zij blij, ik blij. Maar of ze het ook begrepen heeft…
Oja, vanavond was de laatste Rock & Roll les. Het was heel gezellig. Lekker gedanst, enorm gezweten en behoorlijk uit mijn broek gescheurd. Het scheelde weinig of mijn pants hadden op mijn knees gehangen. De ceintuur van Aafke heeft me gelukkig gered. Ik blijk toch slanker te zijn dan ik dacht.
[Op] olifant met lange snuit
[Af] fabeltje
De geest krijgen
Dat was pinksteren. Maar wat heb ik ook alweer herdacht? Niets in het bijzonder. Ik heb alleen zitten kniezen over die hele Merlijn affaire. Het zal wel zondig zijn, zelfmedelijden met pinksteren. Toch helpt al dat geknies en gepraat wel. Het helpt je dingen in perspectief te zetten. En om in te zien wat een enorme zeurpiet je bent.
Gisteren zag ik een documentaire over 5 mensen die zich vrijwillig 48 uur lang aan een gesimuleerd ‘Guantánamo Bay’ regime bloot wilden stellen. Ze werden 2 dagen in kooien opgesloten, droegen een oranje overall (en verder niks), werden getreiterd, geschoffeerd, leden pijn, werden gekleineerd, gemanipuleerd en werden hun waardigheid ontnomen. En dan deden de cipiers nog rustig aan, omdat het een simulatie was.
Als ik dat dan zie, dan bedenk ik me wat een enorme mazzelkont ik ben. Feitelijk heb ik alles mee. Ik heb een fijne jeugd gehad, een goede band met m’n moeder, een leuke schooltijd gehad, een goed stel hersens, mooie cijfers en van iedereen krijg ik lof om wie ik ben. En dan zit ik te kniezen over een vrouw die me niet wil? Het is niet dat ik gefolterd word of dat mijn leven onmogelijk gemaakt wordt. Of erger, dat ik en plein public word uitgekleed, uitgescholden en vernederd. Alleen maar een beetje pech.
Dus vanaf morgen is het motto weer: pluk, proef en prijs de dag…


