Weer-/geen zin

Vandaag is de vijfde dag van de cursus. Ik ben het zat. Buiten is het weer schitterend, binnen staan computers. Mijn platte scherm biedt nu ook uitzicht op het Internet. Geen goede zaak. Kon ik eerst mijn aandacht nog wel bij de les houden bij gebrek aan sterkere prikkels, nu word ik doorlopend verleid door miljarden pagina’s ruis. Waarom kost het me zoveel moeite om bij de les te blijven? Is het vanwege de gortdroge stof? Misschien ben ik gewoon op mezelf uitgekeken.
 
Mijn gedachten dwalen doorlopend af. Zoveel mooiere dingen om aan te denken. Het zonnetje schijnt, voorjaar is op komst. Heimelijk een verlangen naar romantiek en intrige. Ik zou een maand vrij willen zijn om van het leven te genieten. Enkel van het leven genieten… Volgende week 4 dagen cursus. Misschien moet ik me ziek melden?
 
Op dit moment had ik in de auto kunnen zitten met een mooie vrouw. Rijden door een Italiaans landschap. Dak open. Genieten van onleesbare bewegwijzering, zacht spinnen bij het genot van zoveel onbekends. Links van me zit geen vrouw. Ik rijd liever zelf. Rechts van me een lege plek. Al uren kijk ik naar het zelfde grasveld. Een Iers grasveld uit Redmond. Hoe lang duurt deze kwelling nog?
 
In Australië is een reuzenpad ontdekt. Zo groot als een kleine hond. Uiterst giftig ook. Mensen zijn er in vele soorten en maten. Ik vraag me af hoeveel het er precies zijn, maar ik geloof werkelijk dat het aantal verschillende ‘types’ niet zo heel groot is. Je hebt sprinkhanen, labradors, hyena’s, uilen, neushoorns, hazen en konijnen, en de voortreffelijke papavers. Er zijn er vast nog meer, maar er is geen tijd om daar verder over te dagdromen: een strenge blik vanuit Australië dwingt me nu toch eindelijk eens mijn oefeningen te gaan doen…

Zondagmiddag

Als het leven een kralenketting van dagen was, dan zouden de kralen van de afgelopen week niet erg kleurrijk zijn. Op een zondagmiddag als deze kijk ik terug op de week. Niet louter uit melancholie, maar ook omdat ik geen zin hebt dat te doen wat moet gebeuren. En dan bedoel ik niet alleen douchen (al moet dat beslist ook gebeuren), maar vooral schoolwerk.
 
Het is zo’n raar dilemma: als je weet dat het goed afloopt, wat je ook doet, moet je je dan nog inspannen? In dit geval gaat het om iets concreets. De afgelopen opdrachten hebben ik en m’n practicumpartner zo goed gedaan, dat zelfs als we nu alles verknoeien we het vak nog halen. Maar ik dacht stiekem ook aan grotere dingen toen ik dat schreef. Ondeugend als ik ben.
 
Mensen die geloven in een leven hierna staan misschien wel voor het zelfde vraagstuk. Als je weet dat op dit leven iets veel mooiers volgt, verdoe je dan niet eigenlijk je tijd door er hier nog wat van te maken? Ik woon op de vierde. Misschien moet ik gewoon m’n raam uit springen en wachten op de geneugten van het moois dat erop volgt?

Wat belangrijk is

De afgelopen drie werkdagen heb ik op cursus gezeten. We worden omgeschoold. Op zich nuttig en daar het mijn eigen idee was, mag ik er verder niks naars over zeggen. En het is ook eigenlijk helemaal niet naar. Het kost alleen heel veel energie. Niet omdat het zo moeilijk is of omdat het tempo zo hoog ligt, maar vooral omdat ik niet zoveel zitvlees heb. Een hele dag stilzitten en opgesloten zitten in een lokaal, dat is eigenlijk niks voor me. Op dagen als deze merk ik hoeveel ruimte ik nodig heb.
 
De docent droeg geen ringen. Hij doet me sterk denken aan een kennis van me. Iets van medelijden roept hij in me op. Als ik zo naar hem kijk, zonder ringen en op dieet, dan ben ik bang dat hij misschien niet gelukkig is. Hij vertelde me dat er veel tijd in het werk gaat zitten. Trainingen voorbereiden vergt meer tijd dan eigenlijk beschikbaar is. En hij is een perfectionist. Ik zou hem eind 30 schatten. Ja, zoiets. Misschien heeft hij ook wel medelijden met mij. Ik, die de hele middag onrustig zijn verhaal aanhoor, met de benen op tafel of in een of andere ongemakkelijke pose geperst. Aan mijn hand evenmin een ring van een geliefde. Enkel die van een overleden vader.
 
Medelijden is geen constructieve emotie. Als ik er zo over nadenk kleven er meer na- dan voordelen aan. Compassie is zelden zuiver. Leedvermaak ligt op de loer. Stiekem is het fijn om een deel van je eigen misère op een ander te projecten en daar dan medelijden mee te hebben. Indirect krijg je dan steun voor je eigen sores. Nou ja, misschien zoek ik er ook wel teveel achter. Het is niet zo belangrijk. Volgende week, als ik weer cursus heb, zal ik proberen m’n vooroordelen en oneigenlijke schuldgevoelens achterwege te laten.

Vergaan

Alles vergaat. Tijd laat niets heel. Woorden worden broos, tranen drogen op, vriendschappen verslijten en scheerschuim raakt op. Nou ja, dat laatste is dan misschien een tikkeltje aards, maar waar is het wel. Gisteren heb ik weer een nieuwe bus gekocht. De vorige bus was mannelijk blauw en ‘verfrissend’, maar nu ik weet dat ik een nogal gevoelige vrouwelijke kant heb, leek me de witte ‘sensitive’ bus een betere optie. Voor de gevoelige man. Het opschrift laat weten dat er kamille en vitaminen in het bocht zitten. Ik krijg er bijna trek van! Wat zal m’n kin genieten als ik de empathische gel langs z’n contouren uitsmeer. Mijn kaaklijn zal genieten van alle gezonde vitaminen en mineralen. En dan mijn jukbeenderen! Wat zullen die een schik hebben! Zoveel zachtheid hebben ze al in tijden niet meer gevoeld! Ik ga het meteen maar eens proberen. Dat zal me goed doen…

Diepe put

Als je in een diepe put roept, een écht heel erg diepe put, dan komen je woorden niet meer terug. Dan kun je schreeuwen wat je wilt, maar alles verdwijnt. Je woede, je verdriet, je wanhoop en je geluk. Soms heb ik behoefte om dingen te schreeuwen, om verdriet eruit te huilen. Dan wens ik me zo’n put, gewoon ergens achter een deur in huis. In het begin zou ik die put best vaak gebruiken, maar ik denk dat na verloop van tijd de deur steeds vaker dicht blijft. Weten dat er een plek is waar je alles kwijt kunt is dan al genoeg.
 
Vanavond was het bal. Het was een kwelling. De hele week al hol ik van hot naar her. Eén grote, drukke boel. Geen moment rust. Vannacht was het te laat en hoe luxe 10 uur slapen ook moge lijken, het bleek niet genoeg om écht uitgerust wakker te worden. Een verjaardag vanmiddag. Eerst een beetje stil. Op het gênante af. Later wel gezellig. Ik was al versleten voordat ik op het bal aankwam. En nerveus ook, gek genoeg. Weet niet waarom. Misschien voorvoelde ik dat ik er niet gelukkig van zou worden. Bang voor de duisternis diep van binnen.
 
Het blijft moeilijk om haar daar tegen te komen. Een kwelling is het. Zeker op een bal. Vanavond had ze weer iets heel flatteus aan. Zelf gemaakt, kennelijk, maar je zag het niet. Het is een wonderlijk schepsel, die vrouw. Er blijft iets magisch aan haar. Ik kan het niet goed verklaren. Des te moeilijker om die enorme afstand te voelen. Zo dichtbij en toch onbereikbaar. Zo is het. Het is raar om jezelf te realiseren dat van alle vrouwen in de zaal, zij de enige is die werkelijk onbereikbaar is. Met de rest, met of zonder vriend, heb ik geen historie. Daar liggen de kaarten als het ware nog gedekt op tafel. Maar zij heeft m’n hand gezien. Inmiddels zijn de kaarten opnieuw geschud en gedeeld, maar met haar is het spel gespeeld. Ik moet aan m’n pokerface werken…
 

Next Page →