B-kijken
Vanochtend, op de fiets van station Delft Zuid naar de campus, heb ik dingen gezien die ik eerder zo nog niet gezien had. Ik fiets het stukje van amper 5 minuten al sinds maart en werkelijk nieuwe dingen heb ik dan ook niet ontdekt. Het is meer dat ik vanochtend beter gekeken heb dan normaal. Hoeveel neem je ongemerkt niet voor lief als je om je heen kijkt? Een paar jaar geleden was er in de late uurtjes een advertorial op tv te zien waarin werd beweerd dat iedereen een fotografisch geheugen kon trainen. De verkoper had zelf naar verluid de cursus al gedaan en beweerde dat hij zich bijna alles wat hij toevallig op z’n wandelingetje naar de studio had gezien voor de geest kon halen.
Een jaartje geleden deed ik mee aan de BNN iq-test. Pas ver nadat hij op tv was geweest. Mijn toenmalige projectleider was benieuwd naar mijn score. Met wat slimme manipuleertrucjes wist hij me te overtuigen en liet ik me met de test in. Een van de onderdelen – mijns inziens ten onrechte – was een geheugentest. Na het zien van een filmpje van een minuutje, werd je gevraagd naar details. Niet de haarkleur van de vrouw op de voorgrond – neen! – naar de kleur van de auto die ergens in de verte te zien was werd gevraagd. Een test waar ik jammerlijk voor faalde. Zoveel zie ik helemaal niet als ik kijk. Overigens wel een teken aan de wand dat mijn hartslag na afloop van de test hoger was dan mijn iq. Ik raakte zo gestresseerd van de prestatiedruk die ik voelde en de schijnbare oneerlijkheid van de test, dat ik na afloop helemaal van slag was.
Maar goed, vanochtend op de fiets zag ik dus meer dan gewoonlijk. Ik zag roeiers. Die zie ik vaker, maar zelden realiseer ik me tegelijkertijd dat half 8 in de ochtend wel vroeg is om al in een wedstrijdboot te zitten. Ik zag schoorstenen. Vier stuks, aan elkaar gemetseld. En een oud huisje met een klein torentje. Nooit eerder gezien! Dit alles het gevolg van beter kijken, van bewust kijken, van b-kijken. Ik ga het vaker proberen, echt kijken, bekijken…
Hoe anders?
Ik had mezelf vanochtend voorgenomen tegen het eind van de dag eens te inventariseren hoeveel werk ik gedaan gekregen heb. Hedenmorgen kampte ik met wat motivatieproblemen. Vrij ernstige problemen zelfs, want ik kwam pas laat op de ochtend, zeg maar gerust begin van de middag echt op gang. De harde cijfers: aan het eind van een dagje schrijven heb ik vier pagina’s aan mijn literatuurstudieverslag toegevoegd. Eerlijkheid gebied me te zeggen dat er daarvan wel één gevuld is met afbeeldingen. Geen overweldigend resultaat, maar slechter kan het toch ook.
Er moeten nog wel de nodige bladzijdes geschreven worden. Het laatste hoofdstuk, dat waaraan ik nu schrijf, bestaat uit vier delen. Het eerste deel heb ik vandaag geschreven en aan het tweede ben ik begonnen. Ik hoop dat het totale hoofdstuk niet groter dan 20 bladzijdes wordt. Zo bezien heb ik vandaag dus 20% gedaan. Ik had al 5% gedaan, dus nog 75% te gaan!
Op een of andere manier geven dit soort abstracte cijfers meer controlegevoel dan het veel subjectievere antwoord op de vraag "Ben je lekker opgeschoten vandaag?" dat ik zo nu en dan geef: "Gaat wel." Vaak worden dit soort cijfers gegeven met als geveinsd doel meer ‘inzicht’ te verschaffen door de zaken concreet te maken. In mijn werk heb ik planningen gezien die volledig uit cijfertjes bestonden. "Strakke planning", was dan vaak het oordeel van de deskundige. Goede kans dat die gewoon geïntimideerd geraakt was door de overvloed aan cijfermateriaal en helemaal niet goed gekeken heeft. Sterker nog: uit betrouwbare bron weet ik dat de betreffende planning inmiddels al 3 keer over de kop is gegaan. Helemaal niet zo strak dus.
Vanavond ontspannen. Dat moet. Ontspannen is geen zaak waarover te licht gedacht moet worden. Het is zware arbeid. Sommigen adviseren om lijstjes te maken met dingen die je kunt doen om te ontspannen. Wel 50 dingen moeten er op zo’n lijst staan. Elke dag doe je dan verplicht een ding van de dag. Heel ontspannen. Misschien ga ik vanavond zo’n lijst maken. Lijkt me niet erg relaxt, maar als ze zeggen dat je ervan ontspant, dan zal het wel. Misschien kan ik het in Excel doen. Doet Excel het nog wel? Hmm. Excel even opnieuw installeren dan. Hopen dat ik de Office cd nog kan vinden. Misschien even in de kelder kijken. Kan ik gelijk die tuinstoel even beneden zetten. Moet ik wel even het een en ander in de kelde opzij schuiven, maar dan heb ik wel een keurig dakterras. Oh! Gelijk even kijken wat voor dakgoot ik moet kopen voor de luifel. En vooral niet vergeten te meten hoe lang de afvoerbuis moet worden! En waat moet die heen?
Aiaiai! Daar gaat m’n avondje ontspannen. Misschien toch maar iets anders doen. Een boek? Of misschien maar gewoon tv…
Anders
Vorige week was ik bij de opticien voor een nieuwe bril. Na lang wikken en wegen en interessante discussies met zowel de verkoopster als Judica, wist ik twee monturen uit te zoeken: een gewone bril en een zonnebril. De verdere afhandeling werd overgedragen aan meneer de opticien. Hij was niet echt een humorist, maar toch vriendelijk. Na een formuliertje of drie ingevuld te hebben kon ik helaas de behoefte niet meer onderdrukken de beste man naar zijn naam te vragen. "U heet zeker geen Hans, toevallig?" De opticien toonde zich veerkrachtig in zijn ontkenning en antwoorde zelfs met een smakelijke anekdote.
"In de tijd dat Hans Anders nog maar net bestond kwamen hier weleens studenten langs. Van die slimmeriken. Ze vroegen me dan, uit geveinsde interesse, of ik misschien Hans heette. Zo ben ik niet gedoopt, dus ik moest ontkennen. De studenten reageerden dan geamuseerd en vroegen me of ik dan misschien anders heette."
Het zijn vaak kleine dingen die je dag redden. Dat is de laatste tijd wel een thema aan het worden. Nu ik al een tijdje overspannen rondloop, merk ik dat ‘leuk’ en ‘relaxt’ lang niet zulke vanzelfsprekendheden zijn als ze weleens worden gedacht te zijn. Winkelen vind ik meestal leuk, maar afgelopen week voelde het toch vooral als een beproeving. Heel raar om dingen zo ‘anders’ te ervaren.
Goed, ik moet aan de slag. Uitstellen doe ik het al dagen, maar ik moet weer verder met mijn literatuurstudie. Het verslag is bijna klaar, maar het zijn meestal toch die laatste bladzijdes waar je het hardst voor moet werken. Ter inspiratie (voornamelijk van mezelf), zal ik me voornemen aan het eind van de dag verslag te doen van mijn vorderingen: dan kan ik morgenochtend, als ik weer geen zin heb, me laten motiveren door mijn eigen succes. O zo en anders niet.


